top of page

Transformatie van de ruimte: de feestelijkheden ter gelegenheid van de dubbele heiligverklaring van 1622

In 1622 vierden alle jezuïetencentra binnen het christendom op somptueuze wijze de heiligverklaring van hun ordestichters Ignatius en Franciscus Xaverius die op 12 maart in Rome door paus Gregorius XV werden heilig verklaard. Net als in de andere jezuïetencentra verliepen in Antwerpen deze heiligverklaringsfeesten volgens een specifiek tijdschema. Op het programma stonden een octaaf (8 dagen) met missen, devotionele praktijken (processies, gebeden, pelgrimstochten, preken, enz.) maar ook meer feestelijke evenementen (retorische opvoeringen, toneel, geluidsspektakels, feestelijk vuurwerk). Op de hoogdag van de festiviteiten die plaatsvond op de eerste zondag van het octaaf (24 juli 1622 in Antwerpen) vonden de meeste festiviteiten plaats. De dag begon met een plechtige misdienst in de belangrijkste kerk van de stad (kathedraal van Antwerpen), gevolgd door een plechtige processie (met een stoet waarbij vaandels met de beeltenis van de twee heiligen werd gedragen en triomfwagens) door de straten van de stad (waarvan het traject werd opgeluisterd met triomfbogen en theaters), de mis in de jezuïetenkerk die voor de gelegenheid weelderig versierd was, de vreugdedemonstraties in het college (waar gewoonlijk verschillende retorische opvoeringen of toneelvoorstellingen worden gehouden), en ten slotte het feestelijk vuurwerk (dat misschien al begon tijdens de vigilie, de dag ervoor dus, en drie dagen duurde).

Maar het knooppunt van de heiligverklaringsfeesten was ongetwijfeld de jezuïetenkerk waar de meeste feestelijke plechtigheden plaatsvonden. In Antwerpen getuigt de gelijktijdigheid van de wijding van de kerk (ingewijd op 21 september 1621, 10 maanden voor het feest van de heiligverklaring) met de heiligverklaringsfeesten van een verlangen om een evenement te creëren dat het efemere en het eeuwige verenigt, teneinde de heiligheid met grote artistieke luister te vieren. De in het Latijn geschreven verslagen die de festiviteiten beschrijven – een handgeschreven relaas en een gedrukt verslag onder de titel Honor – getuigen op onmiskenbare wijze van dit verlangen. 

In Antwerpen gaat de met pronk uitgedoste kerk op de avond van 23 juli open voor het publiek. Bij het altaar onder een baldakijn staan de massief zilveren borstbeelden van Ignatius en Franciscus Xaverius, getooid met kettingen, parels en edelstenen. Kroonluchters en een vijftigtal met brandende kaarsen versierde kandelaars omhullen de beelden met gouden licht dat weerkaatst tegen het vergulde tongewelf dat op haar beurt het licht in alle richtingen terugkaatst op het gepolijste marmer. Hoewel er geen iconografische getuigenis van deze festiviteiten bewaard is gebleven, toont een schilderij van de kerk uit 1811 het altaar versierd met soortgelijke verlichting als in 1622. Tijdens de heiligverklaringsfestiviteiten concentreerde de pracht en praal zich rond de altaren waar de rijkdom van het bestaande decor werd versterkt door de enorme hoeveelheid kostbare voorwerpen die, tot verrukking van de schare gelovigen, voor de gelegenheid uit de sacristie waren gehaald en uitgestald. Een beschrijving van de tijdelijke decoratieve aankleding van de kerk vermeldt zilveren kandelaars, vergulde bomen, reliekschrijnen, vergulde vazen gevuld met linnen bloemen die de geur van wierook verspreidden, een kristallen kruis, een vergulde monstrans en natuurlijk met goud- en zilverdraad geborduurde antependia (die elke dag van het octaaf werden vernieuwd), zodat het, zoals het relaas beschrijft, leek op het Hemelse Jeruzalem.

bottom of page