Onderrichten: de op de preekstoel
geïllustreerde geloofsleer

De preekstoel is een essentieel onderdeel binnen de kerkelijke scenografie waarvan de iconografie eveneens onlosmakelijk verbonden is met de specifieke functie van het meubel. De preekstoel stond aan de zijkant van het schip naar het midden toe en had een didactische functie: het illustreren en propageren van Gods woord en de katholieke geloofsleer. Ingevolge het Concilie van Trente, en vooral onder impuls van de jezuïeten, genoot de prediking een hernieuwde aandacht. Om ervoor te zorgen dat de preek door de gelovigen goed te horen was, werd de preekstoel vaak hoog gebouwd en voorzien van een trap die naar de kuip leidde waarin de prediker (de vertegenwoordiger van Gods woord in de kerk) plaatsnam. Het klankbord bovenaan diende eveneens om de akoestiek te verbeteren.

De preekstoelen uit de voormalige Nederlanden getuigen van een ongemeen rijke iconografie die als een ‘visuele preek’ de boodschap van de prediker aanschouwelijk maakte en door haar sterk scenografische, theatrale dimensie uiterst bruikbaar was als propaganda-instrument, ook als de prediker niet aanwezig was. De preekstoel van Jan-Pieter van Baurscheit (na 1720) in de Sint-Carolus-Borromeuskerk illustreert een courant thema ten tijde van religieuze troebelen: het katholieke geloof dat zegeviert over het Kwaad, waarbij het Kwaad staat voor de protestantse ketterij. Het monumentale beeld dat de preekstoelkuip schraagt stelt de Heilige Maagd Maria of het Geloof voor, zegevierend over de ketterse demon die is weergegeven onder haar voeten. Ze houdt vergezeld door engelen het pauselijke kruis vast. Terwijl twee engelen op de grond dreigend een bliksemschicht in de richting van het monster zwaaien – waarmee ze op krachtige wijze de strijd tegen ketterij uitdrukken – houden de twee andere engelen onder de kuip de kerkelijke instrumenten vast, aan de ene kant de tiara en het boek met de zeven zegels, en aan de andere kant, het Heilig Sacrament (kelk met hostie) en de sleutels van Petrus.

De zijkanten van de zeshoekige kuip zijn versierd met medaillons die scènes uit het leven van Maria uitbeelden: de Onbevlekte Ontvangenis (Maria in een biddende houding met slang onder haar voeten), de Geboorte van Maria, de Presentatie van Maria in de Tempel, het Huwelijk van Maria, de Aankondiging en de Visitatie (op de deur van de kuip).

De door twee hermes-engelen omlijste trap heeft een leuning versierd met liturgische voorwerpen (kruisbeeld, kelk, hostieschaal, wierookvat, kaars) en eucharistische symbolen (korenaar, druiventros). In de bovenpartij boven het klankbord illustreren zes cartouches, geschraagd en omlijst door cherubijnen, episodes uit de kindertijd van Christus: de Aanbidding der Herders, de Presentatie van Christus in de tempel, de Vlucht naar Egypte, Christus onder de schriftgeleerden, Pinksteren en de Kroning van Maria. Onder het klankbord, dat ter verkondiging van het goede nieuws gedragen lijkt door twee monumentale bazuin blazende engelen, staat op een plek waar doorgaans de Heilige Geest onder de gedaante van de duif staat afgebeeld, een stralende Naam van Jezus (IHS), waarmee de jezuïeten zichzelf presenteren als het Geloof dat het Kwaad overwint.

Hoewel de preekstoel moet beschouwd worden als een onafhankelijk meubelstuk met een eigen iconografie, sluit hij door de in Franse stijl uitgewerkte ornamenten perfect aan bij de overige door Jan Pieter van Baurscheit ontworpen sierelementen: medaillons op bloemenguirlandes, bekronende cherubijnhoofdjes, acanthusbladeren, krammen, geplooide linten, panelen met geschulpte hoeken, enz. De hermes-engelen op de trap van de preekstoel en de engelen op de biechtstoelen aan de overkant vormen tevens elkaars echo.
Vanuit iconografisch oogpunt is het mariale thema van de preekstoel zowel verbonden met de hagiografische cyclus van de lambrisering in de zijbeuken (levens van Ignatius en Franciscus Xaverius) als met de Christuscyclus op de bovengalerij. Zij vormen een samenhangend ensemble dat middels visuele voorstellingen de gelovigen moest onderrichten in het Bijbelverhaal en de geschiedenis van de heilige orderstichters van de Sociëteit van Jezus. Dit na de brand van 1718 ontworpen ensemble vervangt op vernuftige wijze de door Rubens geschilderde plafondcyclus die tevens een didactische functie had.